Reisorganisatie veroordeeld voor discriminatie trans* man

08/06/2018 - 10:53
nieuws
Tafel met een reiskaart, fototoestel, laptop en handen
De rechtbank van eerste aanleg van Antwerpen veroordeelde vorig jaar een reisorganisatie die had geweigerd om een trans* man een kamer te laten delen met een medereiziger. Het vonnis werd pas onlangs gepubliceerd in het Nieuw Juridisch Weekblad. Het is één van de weinig gekende vonnissen over discriminatie van transgender personen en het toont aan dat het zeker de moeite loont om discriminatie te melden.

Een reisorganisatie, die groepsreizen organiseerde naar Jordanië, liet alleenreizende deelnemers de keuze. Ze konden ofwel voor een éénpersoonskamer kiezen, ofwel een kamer delen met een medereiziger van hetzelfde geslacht. In het eerste geval moesten ze een toeslag betalen, in het tweede geval niet.

Een trans* man had zich aangemeld bij de reisorganisatie voor een reis naar Jordanië. Hij had een mannelijke voornaam en ging als man door het leven, maar op zijn reispaspoort stond nog vermeld dat hij van het vrouwelijke geslacht was. Dat had te maken met de bepalingen uit de (oude) wet betreffende de transseksualiteit die  een officiële geslachtsaanpassing maar mogelijk maakten ná een geslachtsaanpassing. Die had de trans*man nog niet ondergaan.

Toeslag

De reisorganisatie had er geen probleem mee dat de trans* man mee op reis ging … tot hij vroeg om een kamer te kunnen delen met een andere reiziger. Het maakte de trans* man overigens niet uit of hij een kamer zou moeten delen met een man of een vrouw. De reisorganisatie had hier duidelijk niet op gerekend. Ze liet de trans* man weten dat hij mee mocht naar Jordanië op voorwaarde dat hij een éénpersoonskamer koos en een toeslag betaalde.

De trans* man weigerde dat en na een lange discussie zag hij zich genoodzaakt om bij een andere reisorganisatie een reis naar Jordanië te boeken. Die reis was duurder en de trans* man trok naar de rechtbank om een schadevergoeding te verkrijgen en om de meerkost te recupereren. 

Morele schadevergoeding

Op 31 mei 2017 oordeelde de rechtbank van eerste aanleg van Antwerpen dat er sprake was van een schending van de Genderwet. Die wet verbiedt onder meer directe discriminatie bij de toegang tot en het aanbod van goederen en diensten en is van toepassing op de criteria geslachtsverandering, genderidentiteit en genderexpressie.

Indien de betrokkene geen trans* man was geweest, zo stelde de rechtbank, dan had hij zonder enig probleem een kamer kunnen delen met een medereiziger. De reisorganisatie moest aan de trans* man niet enkel de meerkost van de andere reis betalen, maar ook een morele schadevergoeding van 1.300 euro. Het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen, dat zich eveneens had aangemeld als procespartij, kreeg een morele schadevergoeding van 1.500 euro.

De wet betreffende de transseksualiteit werd vervangen door de transgenderwet. In de nieuwe wet werden alle medische voorwaarden geschrapt. Mogelijk worden transgender personen daardoor geconfronteerd met nieuwe vormen van discriminatie op grond van hun geslachtsverandering, genderidentiteit of genderexpressie. Vandaar het belang van een sterk uitgebouwde antidiscriminatiewetgeving en de concrete toepassing ervan in de praktijk. 

Heb je naar aanleiding van dit bericht nood een aan een gesprek? Contact opnemen met de Holebifoon kan via www.holebifoon.be of 0800 99 533. Was je zelf het slachtoffer van discriminatie en wil je dit melden? Dat kan op de website van Unia.

Bron: 

Rb. Antwerpen 31 mei 2017, Nieuw Juridisch Weekblad 30 mei 2018, p. 450-452.